Een gewogen gemiddelde gebruik je als niet elk getal even zwaar telt. Denk aan een toets die dubbel meetelt of een eindcijfer dat uit meerdere onderdelen bestaat. Je vermenigvuldigt elk getal met zijn weegfactor, telt dat op en deelt door de som van de weegfactoren. Hieronder de formule, een voorbeeld en een rekenmachine.
De formule voor het gewogen gemiddelde
Gewogen gemiddelde = som van (waarde × weegfactor) ÷ som van de weegfactoren
Voorbeeld
Je haalt een 7 die 2 keer meetelt, een 8 die 1 keer meetelt en een 6 die 3 keer meetelt. Reken uit: (7×2) + (8×1) + (6×3) = 14 + 8 + 18 = 40. De weegfactoren samen zijn 2 + 1 + 3 = 6. Het gewogen gemiddelde is 40 ÷ 6 = 6,7.
Rekenmachine gewogen gemiddelde
Veelgestelde vragen
Wanneer gebruik je een gewogen gemiddelde?
Altijd als onderdelen verschillend meetellen. Bijvoorbeeld bij een schoolexamen waar het ene cijfer zwaarder weegt dan het andere, of bij een gemiddelde prijs waarbij je rekening houdt met verschillende aantallen.
Wat als alle weegfactoren gelijk zijn?
Dan komt het gewogen gemiddelde precies uit op het gewone gemiddelde. Het gewone gemiddelde is dus een gewogen gemiddelde waarbij elk getal weegfactor 1 heeft.
Meer over gemiddelden berekenen
Laatst bijgewerkt op 1 juli 2026.
Jan Willem (1988) is data-analist en de drijvende kracht achter Gemiddelden.nl. Na zijn studie econometrie en data science werkte hij meerdere jaren als analist bij commerciële bedrijven en onderzoeksbureaus. Zijn specialiteit is het toegankelijk maken van complexe cijfers voor een breed publiek, met betrouwbare bronnen, actuele datasets en transparante berekeningen.